Agenda

Ontmoet de experts uit het Leertraject NDE als partner voor integraal duurzaam onderwijs

Vanaf september gaan NDE-centra door heel het land aan de slag met het doorontwikkelen van hun rol als partner in het onderwijs om duurzaamheid integraal te verankeren. Tijdens het leertraject leren we door onze eigen expertise en ervaringen in te zetten en te delen, en laten we ons voeden door experts uit het veld van duurzaam onderwijs! In het leertraject 2025/2026 werken we samen met Loes van ‘t Hoff, Docent Onderzoeker aan de Hogeschool Leiden, en Arjen Wals, Hoogleraar Transformatief Leren voor Sociaal-ecologische Duurzaamheid aan de Wageningen University en Research. In dit artikel vertellen we je meer over deze experts en wat zij naar het leertraject zullen brengen.

Arjen Wals: grondlegger van de Whole School Approach

Een van de belangrijke theoretische onderleggers voor het leertraject is de Whole School Approach. Dit hulpmiddel helpt onderwijsinstellingen om te werken aan integrale verduurzaming binnen hun organisatie en is daarmee een interessante tool voor NDE-centra in de samenwerking met scholen.

Een van de grondleggers voor de Whole School Approach is Arjen Wals. Hij is hoogleraar Transformatief Leren voor Sociaal-ecologische Duurzaamheid aan de Wageningen Universiteit & Research. Hij zal de deelnemers meenemen in het gedachtengoed van de WSA en hen voeden met inspirerende voorbeelden. Wat is de WSA precies, en waar kun je het wel en niet voor gebruiken? Arjen: ”Juist nu steeds meer scholen zoeken naar manieren om hun leerlingen hoopvol en actief bij te laten dragen aan duurzaamheid, gezondheid en rechtvaardigheid vanuit hun eigen leefwereld en leefomgeving, kunnen NDE-centra ondersteuning bieden bij het ontwikkelen van een Whole School Approach om dit te realiseren!”

Daarnaast is Arjen Wals vanuit zijn rol bekend en betrokken bij de geschiedenis en ontwikkelingen in het veld van Natuur- en Duurzaamheidseducatie in Nederland. Hij zal daarom ook aandacht besteden aan de verschillende rollen die de NDE-centra in het verleden hebben gespeeld. Hoe kunnen we met die geschiedenis in het achterhoofd, kijken naar de huidige ontwikkelingen en rolverandering? Welke kansen liggen er volgens hem voor deze nieuwe rol richting het onderwijs? In een online sessie gaan we met hem in gesprek hierover!

Loes van ’t Hoff: de principes van duurzaam onderwijs

Loes van ’t Hoff van de Hogeschool Leiden zal ons tijdens een van de fysieke sessies meer achtergrond bieden over duurzaam onderwijs en de leidende principes daarin. De Hogeschool Leiden start in het najaar met het aanbieden van de master Duurzaam Onderwijs vanuit het Lectoraat Natuur en Ontwikkeling Kind en is daarom dé partij om ons daarin een uitgebreide inkijk te geven! Loes van ‘t Hoff, docent-onderzoeker verbonden aan dit lectoraat, neemt de deelnemers mee in de achtergrond van het duurzaam onderwijs: waar denken we aan, waar gaat het over en hoe ziet dat er uit? Ook gaat Loes in op de principes die leidend zijn als het gaat om duurzaam onderwijs:

‘’Onze maatschappij is sterk gericht op het individu, op kwalificatie, op efficiëntie en op consumptie. Deze aspecten zien we volop terug in het onderwijs. Denk aan het aantonen van leerresultaten, de bewezen effectiviteit van didactische principes en ouders die zich als klant opstellen. Kinderen en jongeren verworden hierdoor tot objecten die mee moeten doen in huidige structuren waarbij in mindere mate gestuurd wordt op het ontwikkelen van denkkracht en meningsvorming.

Die objectivering zien we ook als er wordt gesproken over natuur. De keuzes die worden gemaakt voor onze consumptie en gemak hebben grote gevolgen voor de aarde. Er is een groeiende behoefte onder onderwijsprofessionals om hier tegenwicht tegen te bieden en een ander geluid te laten horen! Zij willen natuur en duurzaamheid centraal te stellen in hun onderwijs. De motieven van deze leraren zijn divers: er is een verlangen naar een groenere wereld, er is zorg over de toekomst en/of het wordt het recht van het kind gevonden om een zorgeloze kindertijd te hebben. De bedoeling van onderwijs is een voortdurend onderwerp van gesprek. Gert Biesta besteedt in zijn werk expliciet aandacht aan de subjectificatie van kinderen; het verschijnen van het kind dat niet alleen afstemt op de eigen behoeftes, maar ook die van de aarde. We gaan aan de slag met de vraag hoe natuurinclusief onderwijs eruit kan zien.’’

Ook bespreken we met haar actuele ontwikkelingen binnen wat er speelt voor scholen en onderwijsinstellingen en waar de haakjes zitten om duurzaamheid (verder) te verankeren.

Doe je ook mee in het leertraject?

Er zijn nog een aantal plekken om als NDE-centrum mee te doen in het leertraject. Aanmelden kan tot 1 augustus. Aanmelden kan bij Nienke Martinus.

Masterclass Schooltuinieren voor gemeenten

Kun je wel wat hulp gebruiken om het schooltuinieren in jouw gemeente een steuntje in de rug te geven? Of ben je al begonnen, maar heb je vragen? Kom naar de digitale masterclass op 21 mei.

Van 16.00 tot 17.00 uur wordt informatie gedeeld over wat gemeenten kunnen doen, hoe andere gemeenten dit aanpakken en kun je vragen stellen. Aanmelden kan via dit formulier. Dan ontvang je van tevoren een link.

Gemeentelijke beleidsterreinen

De Masterclass is onderdeel van de Week van de Schooltuin. In deze week zetten we de schijnwerpers op het belang van het schooltuinieren. Ook wordt de Gouden Wortel uitgereikt aan de meest schooltuinvriendelijke gemeente. In de schoolmoestuin wordt het zaadje geplant voor een gezonde en natuurbewuste generatie. Het is een ideale  omgeving voor natuur- en duurzaamheidsonderwijs in de praktijk. De schooltuin speelt bovendien een belangrijke rol bij groeiende uitdagingen op het gebied van voedsel en gezondheid, bewegen, klimaat, biodiversiteit en samenleven. En sluit daarmee aan op tal van gemeentelijke beleidsterreinen.

Lees ook dit DUO onderzoek naar het draagvlak voor schooltuinieren onder leerkrachten.

Initiatiefnemers

De Week van de Schooltuin is een initiatief van Alliantie Schooltuinen en Jong Leren Eten.
De Alliantie Schooltuinen zet zich in om elk kind in de basisschooltijd toegang te geven tot een schooltuin. Zelf zaaien, verzorgen en oogsten van groente en fruit draagt bij aan meer kennis over en betrokkenheid bij voeding en natuur. Een schooltuin is een plek waar alle kinderen tot bloei kunnen komen! Vereniging GDO is partners in de Alliantie, samen met IVN Natuureducatie, Beleef & weet en ondernemers Rob Baan en Simon Groot.

Binnen het Jong Leren Eten programma werken het Rijk, kinderopvang, scholen, lokale overheden en maatschappelijke organisaties samen. Het doel? Kinderen en jongeren in aanraking brengen met kennis en activiteiten over voedsel, zodat ze zelf gezonde én duurzame keuzes kunnen make

Draagvlak schooltuinen: met ondersteuning sneller en succesvoller

Vier jaar geleden onderzocht DUO Onderwijsonderzoek & Advies voor de Alliantie Schooltuinen het draagvlak voor schooltuinieren onder leerkrachten. Maar wat is er veranderd sinds de Alliantie actief is? Het werd tijd om de balans op te maken en het onderzoek te laten herhalen.

Wat blijkt? De schooltuin bloeit! Het aantal leerkrachten dat actief gebruik maakt van de schooltuin steeg bijvoorbeeld van 19% in 2021 naar 27% in 2025. Een indrukwekkende groei – en een duidelijk teken dat onze inzet zijn vruchten begint af te werpen. En waar ondersteuning beschikbaar is – via NDE-centra, moestuincoaches of vrijwilligers – wordt het schooltuinieren sneller en succesvoller opgepakt.

Schooltuin wint terrein

Maar liefst 85% van de leerkrachten staat positief tegenover het schooltuinieren. Zij zien de tuin als een waardevolle aanvulling op het reguliere onderwijs: kinderen leren er waar hun voedsel vandaan komt, doen ervaring op met zorg en verantwoordelijkheid, én ontwikkelen andere vaardigheden dan ze in het klaslokaal opdoen.

Grote provinciale verschillen

Hoewel nog steeds minder dan de helft toegang heeft tot een schooltuin, zitten we inmiddels wel heel dicht tegen het kantelpunt aan (48%). Een opvallende aanvulling is dat dit per provincie wel erg uiteenloopt. In Zeeland heeft bijvoorbeeld maar liefst 76% van de meesters en juffen beschikking over een schooltuin, in Flevoland is dit slechts 25%.

Ook de animo om daadwerkelijk aan de slag te gaan met schooltuinieren, als die mogelijkheid er is, is per provincie heel verschillend. In het noorden van het land (Groningen, Friesland, Drenthe) wordt veelvuldig gebruik gemaakt van de aanwezige schooltuin. In de provincie Groningen, die er met kop en schouders bovenuit steekt, geldt dit voor maar liefst 83% van de leerkrachten. Ook in Zeeland is het schooltuinieren met 75% actieve docenten goed geworteld. Opvallend is dat er in de provincie Noord-Holland wel veel mogelijkheden zijn om te schooltuinieren, maar dat de animo onder leerkrachten hier met slechts 51% tegenvalt.

Belang van voldoende ondersteuning

Het goede nieuws is dat veel leerkrachten die nu niet schooltuinieren aangeven dat ze dit wel zouden willen. Wat houdt ze dan tegen? Geen tijd en het ontbreken van ondersteuning worden genoemd als redenen om niet in de schooltuin aan de slag te gaan. En dat is zonde, want wie eenmaal begint, is enthousiast. Waar ondersteuning beschikbaar is – via NDE-centra, moestuincoaches of vrijwilligers – wordt het schooltuinieren sneller en succesvoller opgepakt.

‘Elk kind toegang tot een schooltuin’

GDO is mede-initiatiefnemer van de Alliantie Schooltuinen, samen met IVN Natuureducatie, tuinbouwondernemers Simon Groot en Rob Baan en Adviesbureau Beleef en Weet. Gesteund door het programma Jong Leren Eten en het toenmalige Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit namen zij in 2021 het initiatief voor deze alliantie met de sterke wens om elk kind op de basisschool toegang te geven tot een schooltuin.

Download het rapport en download de infographic.

Groene interventies vanuit bewonersbehoeften: drie voorbeelden

Tijdens Huurders op Groen bouwen de deelnemende projectteams aan een duurzaam netwerk van lokale partners. Tegelijk krijgen zij begeleiding bij het ophalen van bewonersbehoeften. Die behoeften vormen het vertrekpunt voor het kiezen van een groene interventie. Worden ze niet meegenomen, dan is de kans klein dat zo’n interventie op de lange termijn slaagt. Tijdens de workshop ‘Van behoeften naar groene interventies’ werkten de projectteams stap voor stap aan een passende oplossing, gebaseerd op wat bewoners echt nodig hebben.

Hardenberg – Praktische stappen naar vergroening

“Tuinieren is voor mij meer een verplichting dan een hobby,” vertelt een bewoner uit de Hardenbergse wijk Norden-Hazenbos. Een ander zegt juist: “Een groene tuin maakt me blij, vooral bloemen.” De voorkeuren en behoeften in de wijk zijn dus heel verschillend. Daarom ging het lokale projectteam – bestaande uit natuuractiviteitencentrum De Koppel, Vechtdal Wonen, de gemeente Hardenberg, Huurdersvereniging Vechtdal en De Stuw – in gesprek met bewoners. Wat houdt hen tegen om te vergroenen? Wat motiveert juist wél? En welke ideeën leven er?

Uit het bewonersonderzoek bleek dat de belangrijkste drempels vooral praktisch van aard zijn. Zo gaf een bewoner aan: “Ik heb iemand nodig die de tegels uit de grond kan halen.” Ook financiële zorgen spelen een rol. Veel mensen denken bovendien dat een betegelde tuin minder onderhoud vergt dan een groene tuin.

De bevindingen uit het bewonersonderzoek maakten duidelijk dat een groene interventie om bewoners te stimuleren om tóch voor groen te kiezen, in Norden-Hazenbos gericht moet zijn op het bieden van praktische hulp en goede informatie. In dat laatste kan ook de gemeente een rol spelen: met zichtbaar voorbeeldgedrag – zoals groene parkeerplaatsen of meer bomen – kan die een groot verschil maken. Een belangrijke les voor het projectteam: betrek de gemeente direct bij de start van het traject.

Op basis van de opgehaalde bewonerswensen werkte team Hardenberg tijdens de Huurders op Groen-workshop een groene interventie uit. De centrale vraag: hoe sluit je goed aan bij wat er leeft in de wijk? Het team koos voor een vergroeningsdag, gekoppeld aan de gezondheidsweek in Norden-Hazenbos, om zoveel mogelijk mensen te betrekken. Voorafgaand aan deze dag ontvingen huurders een flyer met informatie over het evenement en het aanbod voor een gratis vierkante meter verrassingsplanten.

Tijdens de vergroeningsdag kunnen bewoners het plantenpakket ophalen (aangepast aan het type tuin), en bij de kraam advies vragen aan groencoaches. Voor de verwijderde tegels zijn in de wijk twee afgifteplekken ingericht, waar een ‘tegeltaxi’ de tegels later ophaalt. Zo speelt de interventie direct in op de eerder genoemde praktische, inhoudelijke en financiële drempels.

Rijsenhout – Elkaar ontmoeten en inspireren

Sinds in 2023 het besluit is genomen dat er geen nieuwe start- en landingsbaan voor Schiphol komt, is het dorp Rijsenhout weer in beweging. Voor die tijd lagen veel plannen voor de openbare ruimte stil. Door de onzekerheid over de toekomst van het dorp ontbrak ook vaak de motivatie om te vergroenen.

De uitdaging ligt hier in het laten zien van de vele mogelijkheden die een tuin kan bieden. Het lokale projectteam – bestaande uit NMCX, Ymere, Vereniging Huurders Haarlemmermeer en de Dorpsraad Rijsenhout – ontwikkelde een tweedelige groene interventie, gericht op inspiratie en ontmoeting.

Het eerste deel bestond uit een inloop-inspiratiemiddag over tuinen. Bewoners konden langskomen voor gesprekken over wat een tuin voor iemand kan betekenen, en over de rol van groen in de buurt. Fotowanden met tuinen in allerlei soorten en maten vormden een laagdrempelig startpunt. Het team voerde zeker dertig gesprekken! Na afloop konden bezoekers buiten poffertjes halen, altijd een goede manier om mensen te trekken. Tijdens de inspiratiemiddag ging het team ook langs de deuren om bewoners persoonlijk uit te nodigen. Voor bewoners zonder tuin, maar met interesse in het onderwerp, hingen op andere plekken in de wijk posters met informatie.

Het tweede deel van de interventie is een doe-dag in de wijk, waarop bewoners hulp krijgen om daadwerkelijk aan de slag te gaan met het vergroenen van hun tuin. Daarover binnenkort meer!

Dordrecht – Van wateroverlast naar kansen voor de wijk

“Als het regent dan stroomt het water zo m’n schuurtje in,’’ vertelt een bewoner uit de Eemkerstraat in Dordrecht. De woningcorporatie is net klaar met het afronden van de verduurzaming van de woningen, maar in de versteende tuinen valt nog winst te behalen. In de wijk is sprake van een hechte gemeenschap van bewoners die al lang in de wijk wonen. ‘’We helpen elkaar altijd.’’ Die kracht wil het projectteam benutten om ook nieuwe bewoners bij de groene interventie te betrekken.

Het lokale projectteam – bestaande uit duurzaamheidscentrum Weizigt, Trivire, Stichting Present en de gemeente Dordrecht – ging langs de deuren om op te halen wat er leeft. Ongeveer de helft van de bewoners gaf aan mee te willen doen met een groene interventie. Sommigen boden zelfs aan om te helpen met de uitvoering, waaronder bewoners met een al groene tuin die graag anderen ondersteunen. Het team merkte hoe groot de betrokkenheid is en dat mensen bereid zijn om samen de schouders eronder te zetten.

Toch maken bewoners niet altijd vanzelf de verbinding tussen wateroverlast en hun tuin. Terwijl juist daar mogelijkheden liggen om zelf bij te dragen aan een oplossing. Het projectteam zag daarin een kans om bewoners te informeren én enthousiast te maken.

Als eerste stap organiseerde het team een straatfeest, bedoeld om mensen met elkaar in contact te brengen en het gesprek over vergroening op gang te brengen. Tijdens het feest konden bewoners aangeven of ze meer groen in hun tuin willen en informatie geven over hun situatie: hoeveel schaduw is er? Hoe vochtig is de bodem? Op basis van deze input organiseert het team binnenkort een plantdag om zoveel mogelijk tuinen in de Eemkerstraat te vergroenen.

Van bewonersbehoeften naar groene interventie

De verhalen uit Hardenberg, Rijsenhout en Dordrecht laten zien dat vergroenen van tuinen op wijkniveau begint met het luisteren naar wat bewoners nodig hebben en belangrijk vinden. Dankzij de begeleiding vanuit Huurders op Groen weten lokale teams hoe ze die behoeften kunnen ophalen en vertalen naar concrete, haalbare groene interventies. Interventies die passen bij de buurt én bewoners met elkaar verbindt.

Het netwerk van lokale partijen dat op deze drie locaties is opgebouwd, kan deze kennis gebruiken om ook in andere wijken in de gemeente aan de slag te gaan met vergroening. De komende weken worden de groene interventies uitgevoerd.

Wil je ook aan de slag met vergroening en klimaatadaptatie, vanuit behoeften van bewoners? Binnenkort start weer een nieuwe lichting van Huurders op Groen. Neem contact met ons op via info@huurdersopgroen.nl.

GDO impact in 2024: dit hebben we allemaal bereikt!

Wat hebben we in 2024 bereikt op het gebied van natuur- en duurzaamheidseducatie?
In ons jaarverslag blikken we terug op een jaar vol groei, samenwerking en impact. Van sterkere netwerken tussen NDE-centra en stadsboerderijen tot verbindingen met lokale partners in heel Nederland.

Je ziet hier twaalf highlights door het jaar heen. Zo gaven we workshops over diversiteit en inclusie, vergroenen we met Huurders op Groen verschillende wijken samen met NDE-centra, en werd er veel kennis uitgewisseld op onze GDO-tweedaagse en de kennisdagen.

Staat van het Duurzaam Onderwijs: doorpakken en verankeren

De Staat van het Duurzaam Onderwijs is weer gepresenteerd door de Coöperatie Leren voor Morgen, waarvan GDO lid is. Duurzaam onderwijs biedt niet alleen kansen voor het welzijn van jongeren, hun leerprestaties en het werkgeluk van hun docenten, maar ook voor het aanpakken van maatschappelijke uitdagingen als klimaatverandering, verlies aan biodiversiteit en ongelijkheid.

Steeds meer jongeren, onderwijsprofessionals, werkgevers en beleidsmakers zien dan ook het belang van duurzaam onderwijs. Scholen zetten stappen in het curriculum, de pedagogisch-didactische aanpak, professionalisering van docenten, samenwerking met de omgeving én in de bedrijfsvoering. Tegelijkertijd zijn veel duurzaamheidsinitiatieven nog kwetsbaar.

De conclusies herkennen we uit ons netwerk: er zijn veel duurzame initiatieven binnen scholen, maar er is ook meer beperkte capaciteit beschikbaar en daardoor blijven veel initiatieven ad-hoc.

GDO werkt met onze partner SME aan een onderwijssysteem waar duurzaamheid integraal onderdeel van is. Bijvoorbeeld door samen met de NDE-centra uit ons netwerk te werken aan hun rol als lokale partner voor scholen. Dít is het moment om door te pakken en duurzaamheid structureel te verankeren in het onderwijs. 

Lees het volledige rapport.

Met de blik vooruit: Werksessie over rolontwikkeling NDE

In een werksessie op twee locaties in het land houden we een werksessie waarin we met elkaar een blik vooruit werpen. We bespreken verschillende rollen van de NDE-centra en verkennen de koers van onze Vereniging GDO voor de komende jaren. Verwacht een actieve werksessie waarin je zelf aan de slag gaat met de rollen voor jouw centrum en de koers van ons netwerk.

Je kunt deelnemen op maandagmiddag 2 juni in de middag bij Duurzaamheidscentrum Weizigt in Dordrecht of op woensdagochtend 2 juli in de ochtend bij Stad & Natuur Almere op locatie Almere-Oostvaarders.

Rollen van NDE-centra richting onderwijs

In het eerste deel van de werksessie verkennen we de diverse rollen van NDE-centra richting het onderwijs op basis van het onderzoek van TwynstraGudde. Wat betekent het voor mijn praktijk om een aanbieder, makelaar, aanjager, vliegende keep en gesprekspartner te zijn? Welke rol ambieer je als centrum en waar bevind je je nu? Als je ook andere rollen wil spelen, wat betekent dat voor jou en de partnerorganisaties? Je maakt kennis met de manier van werken van het Leertraject NDE-centra als partner voor duurzaam onderwijs en we vertellen meer over het programma van het leertraject dat na de zomer van start zal gaan.

Ambities en samenwerking binnen Vereniging GDO

Daarna gaan we in gesprek over onze Vereniging GDO. In 2024 hebben GDO, vSKBN en SME de krachten gebundeld en wordt intensief samengewerkt. De samenwerking tussen GDO en SME verloopt via de lijnen van het koersplan 2024-2025 dat is opgesteld met inbreng van centra uit ons netwerk. We gaan met de NDE-centra verder in gesprek over de ambities van de vereniging: waar werken we naartoe richting 2030? Ook spreken we over hoe we ons netwerk organiseren, waar de behoeften liggen en hoe we de samenwerking met SME en vSKBN verder kunnen invullen. Meer informatie? Mail ons.

Een mooie inhoud dus, waarbij we vormgeven aan de toekomst van ons werk als partner van het onderwijs en aan de ambities en doelstellingen van onze vereniging.

Lunch en VR-experience

Aansluitend aan de werksessie bij Stad & Natuur Almere, locatie Almere-Oostvaarders is er een lunch en werkbezoek aan het nieuwe Natuurbelevingcentrum De Oostvaarders. Stad & Natuur heeft samen met o.a. het AV bedrijf TSR de inrichting van het Natuurbelevingcentrum vormgegeven. Deelnemers worden bijgepraat over de mogelijkheden van Virtual Reality en Augmented Reality in educatieve context en kunnen de VR brillen zelf uitproberen.

NME Benelux Conferentie: Klimaateducatie essentieel om mensen voor te bereiden op uitdagingen van morgen

Met experts, beleidsmakers en onderwijzers kwamen we eind maart samen in Luxemburg voor de NME Benelux Conferentie om inspiratie op te doen over klimaateducatie.

De opening werd verzorgt door de Luxemburgse minister Serge Wilmes van Milieu, Klimaat en Biodiversiteit, minister Claude Meisch van Onderwijs, Kinderen en Jeugd en Jean-Claude Meyer, adjunct-secretaris-generaal van de Benelux. Hun boodschap was duidelijk: klimaateducatie is essentieel om jongeren en burgers voor te bereiden op de uitdagingen van morgen.

Update klimaatverandering

De eerste dag stond in het teken van kennis en inzichten. We kregen een update over de stand van zaken rondom klimaatverandering, met een wetenschappelijke duiding van het laatste IPCC-rapport en de doelstellingen op mondiaal, regionaal en lokaal niveau. Vervolgens werd ingegaan op de maatschappelijke reacties: welke kennis en vaardigheden zijn nodig om tot actie over te gaan?

Klimaatangst

Ook het thema klimaatangst kwam aan bod, waarbij vanuit verschillende perspectieven werd gekeken naar manieren om mentaal veerkrachtig te blijven. Van eco-anxiety naar eco-agency. Een van de hoogtepunten was de reeks van 14 inspirerende best practices uit de Benelux, die lieten zien hoeveel er al gebeurt op het gebied van klimaateducatie – een bron van hoop en motivatie!

De tweede dag draaide om praktijk en toepassing. De Climate Youth Delegates uit Luxemburg, Belgie en Nederland deelden hun ervaringen en inzichten uit het afgelopen jaar, waarin zij de stem van jongeren de Benelux vertegenwoordigden. Dit bood een waardevolle basis voor verdere gesprekken over de plek van klimaateducatie binnen het curriculum en de Whole School Approach.

Actiegerichtheid in het onderwijs

Collega’s van de Universiteit Utrecht werken aan het Impact-onderzoek, waar actiegerichtheid in het onderwijs een theoretische basis krijgt. Samen met de onderzoekers spraken we over assessment, competenties en kennis.

Het seminar liet zien hoe belangrijk samenwerking is in het vormgeven van toekomstgericht onderwijs. Met nieuwe inzichten en ideeën gaan we aan de slag om klimaateducatie in Nederland verder te versterken!

Foto MECB/Studion Photography

Nieuw leertraject: NDE-centrum als partner voor integraal duurzaam onderwijs

De bereidheid van scholen in het basis- en voortgezet onderwijs om met duurzaamheid aan de slag te gaan is groot. Tegelijkertijd zijn veel scholen zoekende hoe ze vorm kunnen geven aan (integraal) duurzaam onderwijs. Zetten ze in op het vergroenen van het schoolplein, op lessen over de circulaire economie of bieden ze een project aan over schoon water? Daarnaast zijn er scholen die al op verschillende manieren werken aan duurzaamheid, maar zoeken hoe ze duurzaamheid integraal kunnen opnemen in het curriculum. De NDE-sector ondersteunt het onderwijs in het vormgeven van duurzaam onderwijs, de veranderende vraag van scholen vraagt ook om een andere rol van de NDE-centra. Een rol waarbij natuur en duurzaamheid een integraal onderdeel is van het onderwijs.

Vernieuwd leertraject

In het leertraject ‘NDE-centrum als partner voor integraal duurzaam onderwijs’ onderzoeken de deelnemers de rol van hun centrum en de kansen voor rolontwikkeling. Daarbij gebruiken we de inhoudelijke kaders van de onderwijsprincipes van Gert Biesta, de uitgangspunten van Duurzame basisvorming, de SDG’s en de Whole School Approach. We gaan daarbij praktisch aan het werk: hoe maak je binnen je organisatie en opdracht ruimte voor deze rolontwikkeling, hoe ga je in gesprek met scholen en welke positionering past bij jouw rol?

Dit leertraject is een vervolg op het eerdere WSA leertraject. Naast kennis over de WSA focussen we in dit traject nog meer op de verschillende rollen die we als NDE-sector spelen richting het onderwijs. Lees verder

Week van het Duurzaam Onderwijs

Jaarlijks houden we een Week van het Duurzaam Onderwijs. Van 17 tot en met 21 maart zijn er online bijeenkomsten waarin de NDE-centra worden bijgepraat over een actueel onderwerp en ontwikkelingen en lesmateriaal worden gedeeld. Op vrijdag zijn veel NDE-centra uit ons netwerk aanwezig op de NatuurWetenschapenTechniek conferentie Buiten de lijntjes in Zeist.

Dit jaar gaan we met de gastsprekers in op duurzame basisvorming en doorlopende leerlijnen, het programma Techkwadraat, de ontwikkeling van onze sector tot partner van het onderwijs, samenwerken rond lesmaterialen en op de aankondiging van leerkringen rond energie, groenparticipatie en burgerschap.

Website gerealiseerd door Daily Creative Agency