Agenda

Alliantie Schooltuinen aan de slag: Elk kind een schooltuin!

Veel basisschoolleraren zouden graag met hun klas schooltuinieren, maar hebben hiertoe geen mogelijkheid. Dat blijkt uit het Onderzoek Schooltuinen, dat is uitgevoerd door DUO Onderwijsonderzoek in opdracht van Alliantie Schooltuinen. Momenteel heeft slechts één op de vijf leerkrachten met hun klas een moestuin, terwijl 85 procent aangeeft zeker of misschien te willen tuinieren als zij hiertoe goede mogelijkheden heeft.

Zelf zaaien, verzorgen en oogsten van groente, fruit, en bloemen, draagt bij aan meer kennis over en betrokkenheid bij voeding en natuur. Om een schooltuin net zo normaal te maken als een gymlokaal in het onderwijs, hebben Vereniging Gemeenten voor Duurzame Ontwikkeling (Vereniging GDO), IVN Natuureducatie,Adviesbureau Beleef & Weet en de ondernemers Rob Baan (Koppert Cress) en Simon Groot (East West Seed) de handen ineengeslagen. Vanaf 8 september vormen deze partijen de Alliantie Schooltuinen. Samen gaan zij de komende vier jaar het schooltuinieren op de kaart zetten en het onderwijs ondersteunen door middel van een landelijk kennisnetwerk, het verbinden van bestaande initiatieven en het stimuleren en faciliteren van nieuwe schooltuinen.

Zij hebben onderzoek laten doen onder 800 basisschoolleerkrachten van groep 5 t/m 8. Dit en laat zien dat bij slechts een kwart van de basisscholen in ons land het schooltuinieren in het onderwijsprogramma is opgenomen. 45 procent van de basisscholen beschikt over een schooltuin, maar van deze tuinen wordt nu nog geen twintig procent ook gebruikt. Dit komt onder andere omdat leerkrachten onvoldoende kennis of te weinig tijd hebben.

Leerkracht wil graag schooltuinieren, maar heeft amper mogelijkheid

Meerwaarde schooltuinieren
Ruim twee op de vijf leerkrachten zegt zeker te willen schooltuinieren als die faciliteit er zou zijn. Nog eens bijna de helft zou in dat geval het tuinieren met de klas ook overwegen. Veel meesters en juffen zien namelijk de meerwaarde van moestuinieren. Als redenen om in een schooltuin aan de slag te gaan geven zij o.a. aan het belangrijk te vinden dat leerlingen actief buiten bezig zijn en zorg en verantwoordelijkheid dragen voor hun eigen tuintje. Leerkrachten die het tuinieren niet zien zitten, vinden vooral dat ze hiervoor te weinig tijd hebben.

Behoefte aan ondersteuning
Leerkrachten die nu wel gebruik maken van een schooltuin doen dit gemiddeld ruim vijftien keer per jaar. Een derde van hen zou graag vaker gebruik maken van de moestuin, op het schoolplein of op een schooltuinencomplex. Wel is er bij veel meesters en juffen behoefte aan meer ondersteuning bij het tuinieren, zowel als het gaat om onderhoud als om de begeleiding van leerlingen bij de lessen.

‘Investeer in schooltuinen’
Annerie Rutenfrans van Adviesbureau Beleef & Weet: ,,Een schooltuin kan een geweldige bijdrage leveren aan de gezonde leefstijl van onze kinderen. Een kind dat zelf groenten teelt, gaat die ook eten en lekkerder vinden. Bovendien levert een schooltuin een praktische context voor andere vakken. We doen dan ook een beroep op de overheid om de komende jaren te investeren in de schooltuin en de hulptroepen van de leerkracht.”

Over de Alliantie
De Alliantie is een initiatief van Adviesbureau Beleef & weet, Vereniging GDO, IVN Natuureducatie, Rob Baan (Koppert Cress) en Simon Groot (EWS). De alliantie staat nadrukkelijk open voor andere organisaties die onze missie ondersteunen en zich willen aansluiten: Elk kind een schooltuin! Contactpersoon voor GDO binnen de Alliantie is Arjan Klopstra.

Moestuinzadenactie
Met zaadveredelaar Rijk Zwaan organiseert GDO jaarlijks een actie waarbij scholen gratis moestuinzaden kunnen aanvragen via de Natuur- en Duurzaamheidscentra in ons netwerk en makelaars Jong Leren Eten. Jaarlijks maken 3000 scholen gebruik van dit mooie aanbod.

GDO roept op tot Fonds voor Duurzaamheidseducatie: ‘Geef op school onafhankelijke voorlichting over klimaat’

Basisschoolkinderen van nu zijn rond 2030 klaar met hun opleiding. Heeft die ze voorbereid op klimaatproblemen? Zorg voor onafhankelijke klimaateducatie. Dit stellen GDO-moderatoren René Munsters en Henk Nijhof in een opiniestuk dat Trouw op 18 augustus publiceerde. Zij doen een oproep aan overheden en bedrijfsleven om ons te helpen door gezamenlijk te investeren in een Fonds voor Duurzaamheidseducatie. ,,Het tijd om het principe van Social Impact Investing toe te passen: wie baat heeft bij het beperken van de kosten in de toekomst, heeft belang bij de investeringen in het heden en is een potentiële financier. Dit financieringsvraagstuk hoort niet alleen bij gemeenten te liggen.”

Goed lesmateriaal ontbreekt
,,Het verontrustende klimaatrapport van het IPCC, dat vorige week uitkwam, laat niets aan duidelijkheid te wensen over. Het is code rood en we zullen echt aan de slag moeten om de klimaatverandering te keren.

Ook in de vereniging Gemeenten voor Duurzame Ontwikkeling maken we ons zorgen over klimaatverandering. En ook over educatie rond klimaatverandering, natuur en milieu. Vanuit onze achterban, ongeveer 100 gemeenten en bijna 150 natuur- en duurzaamheidsorganisaties (voor educatie op het terrein van natuur en milieu), zien we dat goed lesmateriaal over klimaatverandering en andere duurzaamheidsvraagstukken op veel plekken ontbreekt. Dat baart ons zorgen, omdat het belangrijk is dat kinderen en jongeren een oordeel leren vormen over klimaat- en milieuproblemen op basis van objectieve informatie.”

De samenleving van 2030
In 2030 moeten we onze CO2- uitstoot hebben gehalveerd. De kinderen die nu op de basisschool zitten, studeren rond het jaar 2030 af. Ze zoeken dan een huis en maken plannen voor de toekomst. We bereiden ze in het onderwijs voor om zo goed mogelijk deel te nemen aan de samenleving.

Maar die samenleving zal in 2030 heel anders zijn dan de wereld waarin de huidige generaties zijn opgegroeid. Zonder objectieve achtergrondkennis is een omvangrijk en complex probleem als klimaatverandering en wat dit betekent voor jezelf, je omgeving en je toekomst, moeilijk te duiden.

Bij het ontbreken van regulier lesmateriaal wordt ander voorhanden materiaal ingezet, bijvoorbeeld gesponsord door de fossiele industrie, zoals beschreven in het opiniestuk van door Extinction Rebellion Families Nederland in Trouw (1 mei). We vrezen dat kinderen en jongeren daarmee geen onafhankelijk beeld krijgen over klimaatverandering. Ondanks enkele kerndoelen in het onderwijs die refereren aan natuur, milieu en duurzaamheid, krijgen deze onderwerpen in de dagelijkse praktijk onvoldoende aandacht. De remedie is volgens ons om duurzaamheidseducatie echt te integreren in het curriculum van scholen.

Duurzaamheid is ‘geen kerntaak’
De bijna 150 natuur- en duurzaamheidscentra in ons land bedienen van oudsher het basisonderwijs en richten zich steeds vaker op inwoners, bedrijfsleven en het voortgezet onderwijs. Door het duurzaamheidsbeleid van overheden te vertalen naar de dagelijkse woon-, werk- en leeromgeving, stimuleren de centra op een onafhankelijke manier een duurzame basishouding bij kinderen en verleiden zij volwassenen tot een duurzame leefstijl.

Wegbezuinigd
Helaas heeft een fors aantal gemeenten deze functie wegbezuinigd. Veelal met het argument dat het geen kerntaak van de gemeente was. Dat argument kan in deze tijd niet meer met droge ogen worden gebruikt. Het wordt tijd om het principe van Social Impact Investing toe te passen: wie baat heeft bij het beperken van de kosten in de toekomst, heeft belang bij de investeringen in het heden en is een potentiële financier. Dit financieringsvraagstuk hoort niet alleen bij gemeenten te liggen. We roepen Rijksoverheid, provincies, waterschappen, bedrijfsleven en vermogende personen op ons te helpen door gezamenlijk te investeren in een Fonds voor Duurzaamheidseducatie, naar analogie van het Cultuurfonds.

Van levensbelang
Onderwijs over het omgaan met de uitdagingen op weg naar een duurzame circulaire samenleving is van levensbelang voor de toekomst van onze kinderen. We hebben onderwijs nodig dat gericht is op de opgaven die we de komende jaren moeten oplossen met elkaar. De natuur- en duurzaamheidsorganisaties zetten de in de afgelopen decennia opgebouwde onafhankelijke expertise graag daarvoor in. Laten we de biodiversiteit weer centraal stellen binnen onze economie en economische beslissingen. En laten we kinderen, jongeren en hun ouders onafhankelijke informatie en scholing over duurzaamheid bieden, zodat zij afgewogen keuzes kunnen maken en invloed kunnen uitoefenen op hun eigen toekomst.”

Reageren?
Neem contact op met Rene Munsters of Henk Nijhof.

Onderteken ook het Manifest Bouwen voor Natuur

Natuur moet de ruimte krijgen bij het bouwen van de ten minste 1 miljoen woningen de komende tien jaar. Om hiervoor aandacht te vragen hebben bouwers, ontwikkelaars, banken en architecten het manifest Bouwen voor Natuur opgesteld en aan de Tweede Kamer aangeboden. Om dit manifest als motie of kamerstuk op de agenda van de Tweede Kamer te krijgen, moeten meer gemeenten en ontwikkelaars dit manifest ondertekenen. Lees het manifest. Ondertekenen kan nog via Natuur & Milieu.

Aanpak lokale NDE-centra bij nieuwbouw in de stad
Ook GDO heeft het manifest ondertekend. Lokale centra voor natuur en duurzaamheid, zoals De Groene Belevenis in Leusden en CNME Maastricht, werken al samen met projectontwikkelaars om natuur in de wijken te realiseren. Bekijk de aanpak met Heijmans in de Leusdense Maanwijk en het filmpje hieronder.

‘We nemen de SDG’s serieus’

Onno Dwars, CEO Ballast Nedam

En lees meer over De Groene Loper boven de A2 in samenwerking met Ballast Nedam. Onno Dwars, CEO van Ballast Nedam Development: “Al in de tenderfase hebben we actief gekeken naar mogelijkheden om het project zo groen en biodivers mogelijk te maken. We nemen de zeventien Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties serieus en we zien biodiversiteit simpelweg als de basis van ons bestaan. Daarom is het niet meer dan logisch om in de gebouwde omgeving bij te dragen aan het herstel en de bloei van de natuur.”

Kennis over ecologie
Het projectbureau A2 vroeg aan o.a. CNME Maastricht hoe De Groene Loper nog biodiverser kon worden. Voor Ecoloog Peter Alblas was deze samenwerking een uitgelezen kans om zijn kennis over ecologie toe te passen. Hij zaaide met zijn team en vijf schoolklassen zo’n vijf hectare grond in. “Aanvankelijk hadden we het alleen over de begroeiing langs de lange weg van De Groene Loper Maastricht”, blikt Peter terug. “Maar dit project is veel breder. De braakliggende hectares grond, waar nu huizen worden gebouwd, hoorden er wat mij betreft ook bij. Ik zag kansen, want op die hectares konden we gemakkelijk een bloemenzee maken als we de ruimte slim beheren.” Lees verder hoe Limburgse mergel en onderling vertrouwen een bloemenzee op in Maastricht opleverde.

Campagne moet noodzakelijke vergroening van tuinen versnellen

’Een groener Nederland begint in je eigen tuin’ is de overkoepelende slogan om aandacht te vragen voor minder steen en meer groen in tuinen. Met een groot aantal partners heeft GDO op 6 juli de doelstelling onderschreven om de Nederlandse tuinen gezamenlijk sneller te vergroenen.  De betrokken organisaties, zoals de natuur- en duurzaamheidscentra van GDO, zetten zich al in voor dit doel. Door onder één noemer de krachten te bundelen én samen te werken in twee campagnes verwachten zij een versnelling te weeg te brengen.

Met meer groen in de tuin en de straat wordt de overlast beperkt die de klimaatverandering veroorzaakt zoals hitte, droogte en wateroverlast door piekbuien. Meer groen is bovendien goed voor de biodiversiteit en levert een belangrijke bijdrage aan de leefbaarheid voor vogels, vlinders bijen en andere beestjes in de tuin.

Bijzondere samenwerking
In De Tuinen van Appeltern is deze bijzondere samenwerking van een aantal uiteenlopende partijen bekrachtigd. Voor de vereniging GDO gebeurde dit door onze moderator René Munsters. De organisaties zetten zich, in samenwerking met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), in om meer groen in tuinen te bevorderen. Dit doen zij met een gezamenlijke campagne in 2021 en 2022, die bestaat uit diverse activiteiten van de deelnemende organisaties. Deze activiteiten worden met elkaar verbonden door gebruik te maken van de hierboven genoemde slogan. De activiteiten worden aangekondigd op de website NLvergroent.nl.

Minister onderschrijft doelstelling
Demissionair minister Cora van Nieuwenhuizen van IenW onderschrijft de doelstelling van ‘Een groener Nederland begint in je eigen tuin’: “Ik ben heel blij om te zien dat we door het bundelen van onze krachten in deze coalitie echt mensen tot actie aanzetten om Nederland groener en klimaatbestendiger te maken. Kijk maar naar de tegelteller van het NK Tegelwippen: al meer dan 500.000 tegels zijn verruild voor groen. Dat is een prachtig resultaat waar we allemaal aan hebben bijgedragen. Dit is overigens ook hard nodig, want de gevolgen en overlast van hitte, droogte en hoosbuien merken we steeds vaker. Iedere steen die eruit gaat en voor groen wordt vervangen, is winst.”

Tuinbezitters
De campagnes sluiten nauw op elkaar aan, waarbij de accenten in het voorjaar – naast het plezier van tuinieren – meer op duurzaam onderhoud en voorkomen van plagen en onkruid komen te liggen en in het najaar meer op de aanplant. Tijdens de campagnes krijgen tuinbezitters tuintips zoals ‘de juiste plant op de juiste plaats’ maar ook hoe je kunt afkoppelen en waar je informatie kunt krijgen.

Campagnes
In de campagne De Maand van het Vergeten Plantseizoen – die in de maand oktober plaatsvindt – wordt aandacht gevraagd voor het najaar als plantseizoen. Het najaar is vanwege verschillende redenen de beste tijd voor werkzaamheden in de tuin. Zo is de bodem nog warm na de zomer en slaan de planten beter aan. De grond heeft meer tijd om zich aan de wortels te plakken en de wortels hebben meer tijd om zich te ontwikkelen. Het doel van de voorjaarscampagne De Week van de Groene Tuin (12 t/m 18 april 2022) is tuinbezitters stimuleren hun eigen tuin en eigen straat (verder) te vergroenen en te verduurzamen. Vanaf De Week van de Groene Tuin tot aan de Maand van het Vergeten Plantseizoen kunnen gemeenten weer meedoen met het NK Tegelwippen om samen met hun inwoners Nederland te vergroenen.

Samenwerken met Klimaatverbond Nederland aan Groene Voetstappen

Met Klimaatverbond Nederland gaan we op een aantal activiteiten onze krachten bundelen: Groene Voetstappen, Warmetruiendag en Kinderklimaattop. De eerste stap is het samen optrekken tijdens de Groene Voetstappen Week van 27 september tot 1 oktober.

Bewustwording
De Groene Voetstappen Week is een landelijke bewustwordingsactie waar aan elk jaar 10.000den kinderen meedoen. Gedurende één schoolweek komen de kinderen lopend, met de fiets, steppend, skatend of met het openbaar vervoer naar school en verdienen daarmee Groene Voetstappen-stickers. Tijdens de actieweek besteden de leerkrachten aandacht aan onderwerpen als klimaatverandering, duurzame mobiliteit, energie en verkeersveiligheid met behulp van het aangeboden lesmateriaal. Bovendien kunnen er Gouden Voetstappen verdiend worden door iets extra’s te doen voor het milieu.

Aansluiten bij beleidsontwikkelingen
Groene Voetstappen sluit ook aan bij het Sport- en Beweegakkoord dat veel gemeenten hebben afgesloten. Bewegen en sport kunnen immers bijdragen aan een gezonde bevolking en aan een samenleving die zich één voelt. Ook spelen veel gemeentelijke mobiliteitsvisies in op het stimuleren van het fietsgebruik. Groene Voetstappen sluit naadloos aan op deze beleidsontwikkelingen. Lokale centra voor natuur- en duurzaamheidseducatie zetten zich in om scholen hierbij te betrekken.

Gratis praatplaten voor moestuinlessen

Geeft jouw organisatie moestuinlessen of zijn er in jouw regio moestuincoaches actief op scholen? Met 8 nieuwe praatplaten op A3-formaat kunnen begeleiders op vernieuwende wijze (extra) verdieping geven aan de lessen.
GDO heeft deze educatiemiddelen ontwikkeld in samenwerking met Utrecht Natuurlijk, De Groene Belevenis en Omgevingsdienst regio Utrecht. Dit gebeurde in opdracht van Jong Leren Eten. De platen en een handleiding kun je gratis downloaden en voor drukwerk vind je de juiste specificaties.

Manifest Leren voor Morgen naar Tweede Kamer

GDO heeft het manifest ‘Investeren in de toekomst, is investeren in jongeren’ ondertekend, waarin onze coöperatie een pleidooi houdt voor een politieke visie op duurzaam onderwijs. ‘Essentieel is een duidelijke visie van de politiek en ministerie van OCW op de rol van educatie in het realiseren van de gewenste duurzame toekomst, zoals ook benoemd in internationale netwerken als UNESCO en UNECE, waarin Nederland participeert.’ Het manifest is 11 mei aangeboden aan de Tweede Kamer en minister president Rutte. Lees het manifest.

Lees meer over de aanbieding van het manifest Foto Nederlandse Academie voor Duurzaam Onderwijs


Bronnen voor NME gelanceerd

Een nieuwe online databank met ruim 600 bronnen voor natuur- en milieueducatie (NME) is donderdag 20 mei gelanceerd. Sinds 1970 zijn er veel publicaties verschenen over natuur- en milieueducatie en over leren voor duurzaamheid. Veel van die publicaties zijn nog steeds waardevol. Elk jaar verschijnen er ook weer nieuwe interessante documenten. Ongeveer 600 ‘bronnen’ zijn nu opgenomen in een online databank www.bronnen-voor-nme.nl.

Je vindt er informatie onder de thema’s pedagogiek en didactiek gerelateerd aan NME, educatieve voorzieningen, inhoud van NME en doelgroepen. Professionals uit het werkveld vertellen praktijkverhalen. En ook over vereniging GDO is informatie te vinden. Neem eens een kijkje.


Vacature Moderator duurzaam onderwijs

GDO is een vereniging van gemeenten en natuur- en duurzaamheidscentra (NDE) die het sociaal instrumentarium inzetten om de duurzame ontwikkeling op lokaal niveau te versnellen. Zij begeleidt een actief netwerk van 140 lokale centra. GDO ziet als haar opdracht om dit netwerk verder te laten ontwikkelen en te versterken. Zij faciliteert daarvoor de kennisdeling in het netwerk, stimuleert de organisatorische ontwikkeling van centra en vertegenwoordigt het netwerk bij derden.

Duurzaamheidseducatie krijgt in het onderwijs steeds meer aandacht en voeten aan de grond. De centra gaan daarop inspelen en hun natuur- en milieueducatie daarop verbreden. Van aanbieder naar samenwerkingspartner van het onderwijs. Daarbij kan ingespeeld worden op SDGs, Whole school Approach, curriculum.nu, ontwikkelingen rondom de Duurzame School enz.

Wij zoeken een energieke en enthousiaste Moderator duurzaam onderwijs

Wat ga je doen?
Jouw belangrijkste taak is het stimuleren en ondersteunen van de NDE-centra bij de vernieuwing en versterking van duurzaamheidseducatie richting onderwijs, ingebed in sterke lokale onderwijs leerecosystemen. Daarvoor werk je nauw samen met (leden van) de coöperatie Leren voor Morgen.
Je bent het eerste aanspreekpunt voor vragen en opmerkingen van medewerkers van de NDE-centra en ondersteunt de kennisdeling onder meer via focusgroepen, bijeenkomsten en de leermiddelenmarkt. Tevens stimuleer je de onderlinge samenwerking, bijvoorbeeld op het vlak van het gezamenlijk ontwikkelen van lesmateriaal via het OntwikkelFonds.
Je initieert landelijke projecten en/of participeert in projecten van derden.

Wat neem jij mee?
Je bent maatschappelijk betrokken en hebt affiniteit met en kennis van duurzaamheid en onderwijs;
Je hebt een flexibele instelling en kan makkelijk schakelen tussen inhoud, communicatie, organisatie en realisatie;
Je bent een sterke sociale persoonlijkheid en een deskundig gesprekspartner voor NDE-centra, partners en onderwijsorganisaties;
Je kunt zeer goed zelfstandig werken en heb een sterk verantwoordelijkheidsgevoel;
Je bezit een computer met toegang tot het internet, en je hebt de mogelijkheid om vanuit huis te werken.

Wat kun je van ons verwachten?
Een freelance functie voor 2 dagen per week, in een dynamische omgeving met veel vrijheid, kansen én een groot netwerk.

Wat moet jij doen?
Stuur je CV, motivatie en offerte vóór 17 mei naar René Munsters, GDO moderator duurzaamheid, Rmunsters@verenigingGDO.nl. Voor nadere informatie kan je bellen met René op 06-5135 4104 of met Olle Mennema, voorzitter netwerk NDE-centra, op 06- 21557506.

‘Neem buitenles en buitenruimte op in Nationaal Programma Onderwijs’

IVN Natuureducatie, Nationaal Jeugdfonds Jantje Beton en GDO doen een beroep op de Tweede Kamer om buitenlessen en groene buitenruimte mee te nemen in het Nationaal Programma Onderwijs. Dat deden we in een brief die is verstuurd aan de vooravond van de Nationale Buitenlesdag op 13 april. En via een bezoek van Haagse schoolkinderen aan de Kamerleden Lucille Werner en René Peters.

Het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) is door het demissionair kabinet gelanceerd om vooral de tijdens de coronapandemie opgelopen onderwijsachterstanden in 2,5 jaar tijd weg te werken. Vanuit onze expertise en inzichten pleiten wij als IVN Natuureducatie, Jantje Beton en vereniging GDO expliciet voor het laten ontwikkelen van onze kinderen en jongeren tot een groene, gezonde en gelukkige generatie. Het funderend onderwijs heeft hierin een essentiële taak, zowel didactisch als pedagogisch.

Allerlei onderzoeken geven al jaren aan dat buitenles een zeer positieve invloed heeft op kinderen. Het is gezond, kinderen bewegen meer, ze kunnen zich beter concentreren en de leerstof blijft beter hangen. Desondanks, zo blijkt uit recent onderzoek van DUO in opdracht van Jantje Beton en IVN, heeft ruim 80 procent van de scholen geen enkel beleid wat betreft buitenles en wordt nu amper 1 procent van de lessen buiten gegeven. Een gemiste kans,
vooral ook omdat leerkrachten zelf wel het belang inzien van buitenlessen. Zij geven aan maar liefst 25 procent van de onderwijstijd kwalitatieve lessen te willen verzorgen in de buitenruimte. Om dit echter goed te kunnen doen, hebben zij ondersteuning nodig.

Het is noodzakelijk dat er wordt geïnvesteerd in het best geventileerde klaslokaal: het schoolplein. Alle basisschoolkinderen verdienen een natuurlijke, gezonde buitenruimte, als plek om te spelen en te leren!
Ruim 300.000 kinderen op 2000 scholen in het land zetten deze oproep kracht bij tijdens de Buitenlesdag 2021. Door samen met NME-centra (verenigd binnen GDO) en IVN-vrijwilligers botanisch te stoepkrijten op en rond het
schoolplein geven zij anonieme stoepplantjes een naam. Zo’n 80 procent van de schoolpleinen in
Nederland is momenteel een stenen woestijn. Het stoepplantje is symbool van de waarde van natuur in
deze versteende omgeving. Met meer natuur in hun speel- en leeromgeving worden kinderen gezonder,
creatiever en gelukkiger.

Als initiatiefnemers van de Nationale Buitenlesdag hopen wij van harte dat ook de Tweede Kamer zich hard wil maken
voor het belang van gezonde schoolpleinen en/of buitenlessen en hetgeen scholen daarvoor nodig
hebben, zodat onze kinderen kunnen rekenen op gezond, groen en kwalitatief onderwijs.

Lees hier de hele brief.

En bekijk het filmpje dat werd gemaakt tijdens de buitenles in het Friese Walterswâld.
En de reportage van De Bastei in Nijmegen die 14 scholen begeleidde.

Haagse leerlingen overhandigen de brief over meer buitenles aan CDA-Kamerleden Lucille Werner en René Peters. De Buitenlesdag 2021 stond in het teken van botanisch stoepkrijten: welke plantjes vind je tussen de tegels…